woensdag 3 augustus 2011

Op kamp

Vrijdagmiddag ging ik doorheen het jaar soms zwemmen met een groep mindervaliden van de NGO Chrysalides. Tijdens deze vrijdagmiddagen hoorde ik over een kamp in juli. Een integratiekamp voor kinderen en jongeren met een mentale en/of motorische handicap en hun brusjes (= broertjes en zusjes). Wauw! Super dat ze zoiets hier organiseren.

In Benin, een land waar nog veel kinderen en jongeren niet naar school gaan en analfabeet zijn. In Benin waarin geld zulke belangrijke factor speelt, draait deze organisatie toch vooral op Beninese vrijwilligers. In Benin waarin men zo sterk gelooft in de geest van de voodoo, worden deze mindervaliden toch niet als een vloek gezien.

Ik besloot mee te gaan en ging dus naar de voorbereidende vergaderingen. Deze waren heel chaotisch, volgens de Beninese tijd en volgens de Beninese cultuur. Elke vergadering werd hetzelfde besproken. De vergaderingen waren vooral oppervlakkig, dieper op de activiteiten ingaan deden ze niet. Eigenlijk zag de planning van elke dag er een beetje hetzelfde uit.

Toen ik voorstelde om samen met een Nederlandse vriendin een spel voor te bereiden, waren ze akkoord. Toen we het spel uitlegden, vonden ze het te ingewikkeld en werd er terug verwezen naar hun normale activiteiten. We hebben toen alles heel simpel en kort gemaakt en mochten het toch proberen.

Op voorhand werden de kamers verdeeld. Er sliepen ongeveer zes personen in een hutje. Wat betekende dat ik samen met een andere tata (= leidster) in hetzelfde bed zou slapen. Daar aangekomen kreeg ik gelukkig wel mijn eigen bed.

De dagen verliepen heel chaotisch en druk in mijn ogen. Toch vonden de Beninese kinderen en jongeren in deze chaos wel structuur. Zij genoten van de spelen, de dansen, samen eten, de aandacht , … Natuurlijk moest ik ook deelnemen aan hun dans , jammer genoeg beschik ik niet over de souplesse van het lichaam van een Afrikaanse. Hilariteit alom dus bij de Beninezen wanneer ik me aan een danspoging waagde.

Beninezen laten kinderen heel vrij. Er worden niet continu tellingen gedaan of gekeken waar een kind zich bevindt. De kinderen komen altijd wel terecht. En idd, tijdens het eten was iedereen steeds aanwezig. Op deze manier gebeuren er natuurlijk accidenten, maar ook daar gaat men veel minder bezorgd mee om. Hier kunnen wij als Westerlingen nog wel iets van leren. Wij zijn soms wel overbezorgd in onze manier van zorg dragen.

Toen ik me ’s avonds naar mijn casa begaf zag ik dat iemand in mijn bagage had gezeten. Er was niks weg , maar gewoon het feit dat ze dit deden, maakte mij behoorlijk kwaad. Toen ik dit zei aan de bazin, werden direct de kinderen beschuldigd (We sliepen met vijf op de kamer, waarvan twee kinderen). Terwijl ik zelf denk dat deze kinderen (mindervaliden) hier eigenlijk niet toe in staat zijn.

Bovendien liet de hygiëne in het huisje te wensen over. De tata die verantwoordelijk was voor Kenny (een zwaar gehandicapte autistische jongen), was zelf veertien jaar, dus nog een kind. De taken die ze kreeg, waren veel te moeilijk voor haar. Uiteindelijk heb ik samen met haar het huisje opgeruimd, de lakens gewassen, … Dit meisje gaat waarschijnlijk nooit kunnen lezen of rekenen. Zij moet voor haar familie geld verdienen.

Na de late vergadering ging ik om een uur of half 12 bekaf slapen. Er was geen airco of ventilator, dus het was zweten geblazen in een kleine kamer met zoveel personen. Na een half uurtje kwam een andere begeleidster al telefonerend binnen. Niet fluisterend, maar gewoon luidop deed ze gedurende een uur een hele conversatie met haar vriend in bed, terwijl vier mensen rond haar probeerden te slapen. Dit is typisch Beninees. Beninezen houden op dit vlak heel weinig rekening met elkaar. Daarna besloot ze toch te gaan slapen, met kleren aan. Het telefoongesprek werd vervangen door een luid gesnurk. Wanneer ik eindelijk om half zes aan het inslapen was, werden de lichten aangedaan, omdat iemand zichzelf met veel lawaai wou douchen. GRRRRMMMFF

Na deze nacht gingen we de volgende dag een boerderij bezoeken. Er reden in totaal vier busjes. Toen we naar de plaats reden, organiseerden ze een wedstrijd: “De luidste bus”. Er werd heel wat gezongen, geroepen en gedanst in de bus. Wat ik na de vorige nacht even vervloekte.
Daar aangekomen dansen en speelden we en in de namiddag bezochten we konijnen. Twee keer werd een kind geslagen en zijn hand omgedraaid. Dit omdat het kind volgens hen niet goed luisterde. Dit is normaal in Benin. Kinderen die niet luisteren, krijgen slaag. Ik slikte en keek de andere kant op. Later heb ik hier wel met een Beninese begeleider over gepraat en er wordt over gedacht om dit op kamp te verbieden.

De kinderen kregen om vijf uur ook koekjes. Toen ik de plastieken verpakkingen overal op de grond zag liggen, besloot ik rond te gaan als “poubelle”. Ondanks het feit dat ze zagen dat ik rond kwam, bleven ze de papiertjes op de grond gooien. Zij zijn dit gewoon. Ik kom daar als yovo (=blanke) even mijn wil opdringen, betweterig als ik ben.

Jammer dat ze hun land op deze manier zo vervuilen. Het lijkt wel of ze het niet beseffen. Waarschijnlijk liggen zij hier gewoon niet wakker van. Dit is geen prioriteit voor hen.
Ik ging die avond voor twee dagen naar huis omdat de zus van Toon aankwam. Hier was ik blij om, want als enige blanke was het best moeilijk op bepaalde momenten. De cultuurverschillen zijn groot, soms te groot om goed mee om te kunnen gaan.

Vrijdag ben ik nog een dag terug gegaan samen met een Nederlandse vriendin, Wies. Dit werd een leuke dag. Het was fijn om samen in hetzelfde schuitje te zitten en niet de enige yovo te zijn. We speelden ‘s middags ons spel. Ze speelden het spel wel op hun manier. Toch is dit niet belangrijk, want zowel kinderen als begeleiders hebben zich super geamuseerd.

Ik ben blij dat ik dit heb kunnen ervaren, ook al was het niet altijd even gemakkelijk. Ik denk dat we van elkaar een aantal dingen hebben opgestoken. Verschillende culturen beleven, het maakt je leven rijker.

1 opmerking:

  1. Hoi Inge,
    Knap dat je dit allemaal meedoet. Als ik je verhaal lees dan draait inderdaad onze maag om. Goe dat je het met de begeleider/ster probeert te bespreken. Ik denk in vorige eeuw als er hier ook veel armoede was, was de omgang met gehandicapten hier ook niet zo als het nu is, . Ze moeten nog een hele weg afleggen en het is fijn als jullie daar een steentje kunnen toe bijdragen...tot binnenkort ! Els

    BeantwoordenVerwijderen